Thema ‘tast en pijn’

‘Tast en pijn’ is een thema bij het hoofdstuk ‘inrichting’ (Zie De aanbevelingen.) Voor pijn zijn veel mensen met autisme over- of ondergevoelig. (Binnenhuis-)architecten en ook anderen moeten dat weten.

Afwijkende pijnervaringen zijn vooral bij autistische kinderen nog slecht begrepen. Het weinige onderzoek dat ernaar is gedaan, is doorgaans gebaseerd op indrukken van ouders en andere volwassenen over de pijnervaring van kinderen; zij blijken er geregeld naast te zitten. Ouders hebben de neiging om de pijn van hun autistische kinderen te onderschatten. Dit komt doordat kinderen met een hoge pijngrens pijn minder of op een andere manier ervaren en ook omdat ze – indien gevoeld – minder geneigd zijn erover te communiceren en/of er troost voor te zoeken. (Zie Nader et al.)

Een belangrijke hypothese is dat het zogenoemde opioide-systeem hyperactief is bij kinderen met autisme. Dit systeem werkt onder meer als een pijnverlichter of -onderdrukker. Deze hypothese is controversieel en wordt verworpen door de genoemde Nader et al. en ook door Tordjman et al. Klinische ervaring ondersteunt echter ook niet de ‘omgekeerde’ hypothese dat mensen met autisme dezelfde pijn ervaren als anderen maar dit anders uiten.

De Nederlandse onderzoekers Huisman & Visser interviewden mensen over hun woonervaringen en schrijven dat voor een overgevoelige tastzin geen eenduidige oplossingen bestaan:
“omdat dit probleem zeer divers is. Sommige kinderen met autisme hebben moeite met het aanraken van een jonger broertje of zusje, of willen zelf niet worden aangeraakt. In dit geval is het heel belangrijk om dit te respecteren en het kind daarom niet te knuffelen. Als het voorwerpen betreft, speelt het materiaal een grote rol. Mensen met autisme zijn veelal gevoelig voor wol. Wollen dekens kunnen vervangen worden door een dekbed van katoen of in een dekbedhoes worden gewikkeld.”

Een hoge pijngrens bij mensen met autisme lijkt zo algemeen dat deze als autismekenmerk in het psychiatrisch handboek DSM wordt vermeld.

Over pijn zegt een medewerker van het Kannerhuis:
“Verstoorde pijnreacties, het erger of verminderd waarnemen van pijnprikkels kan bijvoorbeeld leiden tot een verminderde waarneming van hitte (en van de pijn van de blaren) en van pijn als signaal van ziekte. Ook het niet kunnen herkennen van bepaalde pijn komt voor: na een snoeiharde schaatspartij wordt de jongen wakker met veel pijn. Hij belt in paniek zijn ouders omdat hij denkt dat hij ernstig ziek is. Als een van de begeleiders doorvraagt ontdekt hij dat het spierpijn is.”

We haasten ons hieraan toe te voegen dat een lage pijngrens ook voorkomt, d.w.z. een overgevoelige tastzin.
Temple Grandin schrijft bijvoorbeeld ‘een overmatig gevoelige huid kan een groot probleem zijn. Shampoo deed pijn aan mijn huid. Een lichte aanraking deed mijn zenuwgestel jammeren, alsof de zenuwuiteinden opkrulden.’

De relevantie van deze inzichten voor het bouwen en inrichten is tweeërlei. Enerzijds dient men zich zo min mogelijk aan muren, meubels, speeltoestellen en dergelijke te kunnen bezeren, anderzijds is toezicht ook om deze reden belangrijk – denk aan zichtlijnen –, teneinde te voorkomen dat men kwetsuren oploopt die onopgemerkt en onverzorgd blijven.

Aangezien dit onderwerp van speciaal belang is in scholen, wordt er apart aandacht aan besteed in ‘Tast en pijn op school’. Zie ook deze getuigenis van iemand die dit dagelijks ervoer.

*
Nader

Nader, Rami, Tim F. Oberlander, Christine T. Chambers, Kenneth D. Craig, ‘Expression of Pain in Children With Autism’, In: Clinical Journal of Pain, 20(2004) 2(March/April) 88-97.
Tordjman
Tordjman, Sylvie, George M. Anderson, Michel Botbol1, et al., ‘Pain Reactivity and Plasma b-Endorphin in Children and Adolescents with Autistic Disorder’, In: Plos One, 4(2009) 8(August) 1-10.
Huisman & Visser
Huisman, Nisette en Joke Visser, ‘Resultaten van het onderzoek naar omgevingsinvloeden (3)’, In: Engagement (2008) 5 (oktober/November) 24-26.
KannerhuisTemple Grandin
Grandin, T., ‘My experiences with visual thinking, sensory problems and communication difficulties.’ The Center for the Study of Autism. 1996.
error: